Schaamte in het paradijs

Direct na de zondeval merken Adam en Eva dat zij naakt zijn en verbergen zich. Schaamte ontstaat waar gemeenschap met God verbroken is.

Schaamte kan beschermend werken, maar ook verlammend wanneer zij niet leidt tot bekering. God roept hen niet om in duisternis te blijven, maar om verantwoording af te leggen.

"En de ogen van hen beiden werden geopend, en zij werden bewust dat zij naakt waren."

Genesis 3:7

Schuld en verbergen

Adam wijst naar Eva, Eva naar de slang. Schuld zoekt vaak een ander om de schuld op af te wentelen. Dit patroon herhaalt zich door de hele menselijke geschiedenis.

Verbergen voor God is zinloos, want Hij kent het hart. Toch blijft Hij de zondaar zoeken en roepen: Waar zijt gij?

Gezonde en ongezonde schaamte

Gezonde schaamte erkent dat zonde onwaardig is voor Gods aanwezigheid. Ongezonde schaamte houdt de zondaar weg van God uit angst voor afwijzing.

Het evangelie roept niet tot schaamte zonder hoop, maar tot openheid waarin vergeving mogelijk is. Christus bedekt de schaamte van hen die tot Hem komen.

Naar vrijheid

Wie in Christus gelooft, hoeft niet langer in schaamte te leven. Zij zijn niet langer gedefinieerd door hun val, maar door Gods genade.

De gemeente moet een veilige plaats zijn waar zondaars eerlijk kunnen zijn en tegelijk uitgenodigd worden tot heiliging en nieuw leven.