Het paradijs verloren
In het begin schiep God de mens naar zijn beeld, rein en in gemeenschap met Hem. Adam en Eva leefden in het paradijs, mochten van alle bomen eten behalve van één: de boom der kennis van goed en kwaad.
De zondeval beschrijft het moment waarop de mens ongehoorzaam werd aan Gods gebod en daardoor in zonde en scheiding van God terechtkwam. Dit is geen sprookje, maar de Bijbelse verklaring van de toestand van de hele mensheid.
De verleiding en de val
De slang verleidde Eva door Gods Woord in twijfel te trekken. Zij at van de verboden vrucht en gaf ook aan Adam. Door één menselijke daad van ongehoorzaamheid trad de zonde de wereld binnen, met alle gevolgen van dien.
"Door de ongehoorzaamheid van één mens zijn velen zondaars geworden."
Romeinen 5:19
Adam en Eva verloren hun onschuld, hun open gemeenschap met God en hun toegang tot het leven. De zonde bracht schuld, schaamte en de dood in de wereld.
De gevolgen voor de mensheid
Paulus leert dat in Adam allen sterven: de zondeval raakt niet alleen onze eerste ouders, maar het hele mensdom. Wij worden geboren als zondaars, geneigd tot het kwade en onvermogend om onszelf te redden.
De schepping zelf is onderworpen aan vergankelijkheid. Lijden, ziekte en de dood zijn dagelijkse herinneringen aan wat de zonde heeft aangericht.
De belofte van de Zaadvertrapper
Reeds in het paradijs kondigde God een verlosser aan: het zaad der vrouw zou de slang vertrappen. In deze eerste evangelieverkondiging opent God de weg naar Christus, die de gevolgen van de zondeval zou wegnemen.
De zondeval verklaart waarom de wereld gebroken is — en waarom wij een Redder nodig hebben.