Een gezondigde opdracht

Voor zijn hemelvaart gaf Christus zijn discipelen een wereldwijde opdracht: gaat, onderwijst, doopt. De kerk bestaat niet voor zichzelf, maar als instrument van de Koning die alle volken tot zich roept. Zending is geen bijprogramma, maar de adem van een gemeente die Gods liefde voor de wereld kent.

De eerste gemeente in Jeruzalem bleef getuigen in de stad, terwijl vervolging hen uiteenjoeg. Overal waar gelovigen kwamen, plantten zij gemeenten. De kerk groeide niet door politieke macht, maar door het Woord en het getuigenis van gewone mensen die Christus niet konden verzwijgen.

"Gij zult Mijn getuigen zijn, zo te Jerusalem als in geheel Judea en Samaria, en tot aan het uiterste der aarde."

Handelingen 1:8

Lokaal en wereldwijd

Zending begint bij de buren. De gemeente getuigt in het dorp, de wijk en op de werkplek. Tegelijk ondersteunt zij missionarissen die ver weg gaan, leert van wereldwijde kerk en bidt voor volken die het evangelie nog niet hebben gehoord.

Evangelische gemeenten spreken vaak van “zending” als alles wat de kerk buiten haar muren doet, en van “wereldzending” als grensoverschrijdend werk. Beide horen bij dezelfde opdracht: Christus bekendmaken. Niemand is uitgesloten van het getuigenis, al zijn de gaven verschillend.

Woord en dienst

Het evangelie is een boodschap die uitgesproken moet worden. Zonder verkondiging kan niemand geloven. Tegelijk bevestigt de kerk haar woorden door dienst: voedsel, onderwijs, medische hulp en vriendschap openen deuren en tonen de liefde van Christus in vlees en bloed.

Zending zonder woord wordt humanitaire hulp; woord zonder liefde wordt holle klank. De gemeente zoekt beide. Zij weigert manipulatie of dwang, maar nodigt uit met respect voor mensen en culturen, terwijl zij trouw blijft aan de enige Naam onder de hemel waarin zaligheid is.

Gemeenteplanting

Het doel van zending is niet alleen individuele bekering, maar het vormen van gemeenten. Nieuwe gelovigen hebben onderwijs, sacramenten en leiderschap nodig. Paulus reisde, predikte, ordineerde ouderlingen en schreef brieven om jonge kerken te versterken.

Ook vandaag planten kerken dochtergemeenten, ondersteunen jonge gemeenten financieel en sturen evangelisten. Zij erkennen dat gezonde lokale gemeenten de beste garantie zijn voor blijvend getuigenis. Zo draagt elke gemeente bij aan de groei van het wereldwijde lichaam van Christus.